Steun ons en help Nederland vooruit

maandag 1 juli 2019

De favoriet plek van Statenlid Jeroen Heuvelink

Ik durf niet te zeggen dat het mijn meest favoriete plek is in Zuid-Holland, er zijn immers vele mooie, interessante en historische plekken in onze provincie die zeer de moeite waard zijn. Maar het is wel één plek waar ik in de loop der tijd erg aan gehecht ben geraakt: groen, bebost en open, stedelijk en landelijk tegelijk.

Ik heb het over de Rottemeren, een gebied waar de Rotte zich van het landelijke Moerkappelle kronkelend een weg baant tot het centrum van Rotterdam, waar je aan de linkeroever omgeven bent door de openheid van de Eendragstpolder en aan de rechteroever eindeloos kan recreëren in de bebossing van de Bleiswijkse Zoom en het Hoge en Lage Bergse Bos. Zeer de moeite waard om doorheen te fietsen, te varen of flinke rondjes hard te lopen. En als je ’s nacht gaat wandelen hoor je de vossen tussen de bomen ritselen.

Het is een mooi gebied maar ook een levendige illustratie van de ingewikkelde ruimtelijke opgave in de Zuidelijke Randstad. In het Hoge Bergse Bos staat een uitkijktoren van waaruit je – al dan niet abseilend – de skyline van Rotterdam en Den Haag kan zien, het begin van het Groene Hart bij Zuidplas, de glastuinbouw van het Oostland en de ‘urban sprawl’ van Zoetermeer en Lansingerland. De voorlopige uitkomst van het gevecht tussen al die ruimtelijke claims ontvouwt zich als een landschap voor je neus. Dat is niet alleen aan fascinerend landschap maar ook een mooi landschap. En dat het nooit stil staat bewijzen de gele hesjes die in opdracht van Rijkswaterstaat bezig zijn zich een weg door het bos te kappen. Daar gaan ze flink wat asfalt neerleggen.

Stukje bij beetje ontvouwt zich een eigen samenleving. Rotterdam die 97% van de beheerskosten draagt, wil wel wat geld terug verdienen via concerten. De bewonersvereniging, die vooral ongestoord in die mooie – door Rotterdam betaalde – groene omgeving wil wonen komt dan in het geweer. Horeca- en leisure-ondernemers lonken intussen naar de Rotterdamse consument met steeds weer nieuwe marketingconcepten en vernieuwde producten. Met milde achterdocht kijkt de natuurvereniging over de schouder mee: geld verdienen, nou vooruit, maar het gaat uiteindelijk wel om de biodiversiteit. En de plaatselijke politiek? Die vindt het prima dat Rotterdam alles betaalt maar wil uiteraard wel alles zelf beslissen. Zij zijn immers de baas.

Geef nou toe, als je zo’n plek om de hoek hebt, zou je er toch ook gehecht aan raken!